Kunstenaar
Frank Hoogendoorn
In mijn eerdere werk probeerde ik de jeugd te vangen en vast te houden: de onschuld, onbevangenheid en vrolijkheid die we met een kindertijd associëren. Soms letterlijk, door de jeugd te conserveren in een wekpot of te beitelen in steen. In het werk met Woody Woodpecker is de jeugd al overleden. Via taxidermie probeer ik haar alsnog te bewaren.
Deze gedachte ontwikkelde zich verder in mijn vazenserie, waarin de kwetsbaarheid van de jeugd centraal staat. De vazen zijn geschilders met cartoons/ onderwerpen uit mijn eigen kindertijd — herinneringen aan een wereld die ooit vanzelfsprekend was.
Tegelijkertijd zijn de vazen voortdurend in gevaar. Ze staan op de rand van een tafel, op of naast een tafelkleed. Eén verkeerde beweging kan ze laten vallen en in stukken breken.
Waar ik eerst probeerde de jeugd te bewaren, onderzoek ik nu hoe breekbaar dat verlangen is. De vaas wordt zo een metafoor voor de kindertijd zelf: kostbaar, kwetsbaar en onmogelijk om volledig vast te houden.